Een hoer en een kiwi zitten in een kano. Zegt de één tegen de ander:
H: Fernando?
K: mm
H: Zie je mij nog graag?
K: mm
H: Waarom zeg je altijd zo weinig? Je antwoordt amper om mijn vraag. Wat denk dat ik dan moet denken? Het is toch niet zo moeilijk, er zijn geen duizend antwoordmogelijkheden. Er liggen er alleszins maar twee voor de hand, Fernando, ja of neen…
K: (zucht) Waarom zo moeilijk doen, het is toch niet zo dat ik weiger te ontkennen dat ik je niet meer graag zie?
H: Ja voila, en dan nemen we natuurlijk de uitweg van de vierdubbele ontkenning. Zo ken ik je Fernando. Ik herinner me een tijd waarin ik dat grappig vond, maar toen waren we nog jong. Onze kano bevond zich nog dichtbij de bron van de rivier. Je kon er toen nog niet zo makkelijk uit springen. Maar nu we alle watervallen en stroomversnellingen voorbij zijn en we in dit meer terechtgekomen zijn ligt enkel het doelloos ronddobberen nog voor ons. Ik vraag je of je zo'n eeuwigheid met mij ziet zitten en het enige antwoord dat je kan bedenken is natuurlijk weer prachtig van vorm, maar inhoudloos. Ik vraag me dan af of je al die achtergehouden inhoud opspaart voor iemand anders, Fernando…
K: Anita…
H: Neen Fernando, neen. Ik wil niet meer horen dat het tegendeel van de ontkenning van het tegengestelde van jouw haat voor mij minstens zo diep is als het omgekeerde van een zeer ondiepe put. Dat is betekenisloze spielerij. Wat ik wil horen zijn 4 woorden, geen 56, vier!
K: Daarjuist zei ik te weinig en nu zeg ik plots te veel. Je moet weten wat je wil hé Anita!
H: (begint te huilen) …. Ik weet perfect wat ik wil Fernando. Ik wil jou! De vraag is of jij mij nog wil, en hoe langer je je antwoord uitstelt, hoe meer ik ervan overtuigd geraak dat je wil springen. Je wil het water in duiken, op zoek naar een andere kano, of misschien wil je gewoon zwemmen, dat weet ik niet. Als je maar weg kan hier!
K: Neen, Anita, dat is niet waar, het is gewoon …
H: Wat dan? Wat is het, want ik ga je niet tegenhouden hoor. Spring maar! Ik kan het wel alleen. Ik ben verdomme niet 5 weken lang naar de computerles geweest om heel mijn leven afhankelijk te kunnen zijn van iemand die me niet graag ziet! Ik wil een antwoord Fernando, ik wil het nu… Hou je nog van mij?
(stilte)
K: Maar Anita …
H: Ja Fernando …
K: Ik ben een kiwi
maandag 19 januari 2009
zondag 7 december 2008
Ricky Gervais
En dan nog even gewoon het grappigste ooit van alles:
En nog iets uit The Office, niet voor gevoelige kijkers:
En nog iets uit The Office, niet voor gevoelige kijkers:
I wish to report a burglary
Vanaf nu kan u hier, als enige plaats op het internet, ook filmpjes bekijken. Op die manier kan ik me associëren met dingen die andere mensen gemaakt hebben, en dat bespaart me toch wat tijd.
Van wal steken we met een Monty Pyhton sketch uit die goede oude tijd. Simpel doch hilarisch:
Van wal steken we met een Monty Pyhton sketch uit die goede oude tijd. Simpel doch hilarisch:
donderdag 20 november 2008
Vicky Cristina Barcelona
Gisteren ging ik als ware intellectueel naar de sphinx, jawel een cinémacomplex waar ik moet betalen, om de nieuwe Woody Allen film te gaan bekijken. Mijn kritische geest had ik blijkbaar, samen met mijn Kinepolis-trouw buiten laten liggen. Ik vond de film fantastisch en ik kreeg meteen al het gevoel van jaloezie dat ik bij elke Allen-film krijg.
Het verhaal gaat over de liefde en schuwt daarin geen clichés. Van in het begin krijgen we zonder bullshit van de verteller te horen wat de visie van beide meisjes op de liefde is. Vicky is nuchter en denkt na over alles wat ze onderneemt. Ze is verloofd en kijkt uit naar haar volledig uitgestipelde leven in de armen van steeds diezelfde succesvolle doch soms saaie man. Die man is een nogal zwart-witte figuur die ongeveer in elke Woody Allen-film terugkeert. Het is iemand die zich onderwerpt aan het maatschappelijke mechanisme en steeds doet wat er van hem verwacht wordt. Hij wordt rijker en rijker en koopt meer en meer zekerheid, tot het laatste restje verrassing volledig uit het leven geperst is.
Cristina is -o verrassing- helemaal het tegenovergestelde. Ze leeft van moment tot moment en van relatie tot relatie op zoek naar iets ideaals dat ze niet kan beschrijven. "Ze weet enkel wat ze niet wil", is de mooiste manier waarop het uitgedrukt wordt.
De meisjes ontmoeten Juan Antonio, in het begin een nogal stereotype spaanse player die het blijkbaar voor mekaar heeft. Hij lijkt geschoold te zijn in het leven en is uiteraard een impulsieve kunstenaar. Met voor de hand liggende uitspraken als "het leven is kort, je moet elke kans grijpen" en "je mag niet elke situatie kapotanalyseren tot alle charme eruit geperst is" slaagt hij erin de meisjes te overtuigen een weekend met hem in Oviedo door te brengen. Dat zorgt ervoor dat het verhaal, dat zich reeds in vierde versnelling bevond, nu naar vijfde schakelt.
Maar de figuren blijven natuurlijk niet zo zwart-wit. Iedereen krijgt een diepere dimensie en het einde is helemaal niet zo voorspelbaar en rooskleurig als je na het bovenstaande zou verwachten. Een zotte ex-vrouw die ongeveer in het midden van de film het verhaal ingegooid wordt is deels verantwoordelijk voor die complicaties. Voor de rest is de grootste verantwoordelijke gewoon de realiteit. Juan Antonio is nu eenmaal niet iemand die weet hoe de wereld in elkaar zit en hoe je geluk creëert, de man van Vicky is nu eenmaal niet iemand die het compleet verkeerde pad bewandelt. Het echte leven is nooit zo simpel als de strijd van de rebellen tegen the dark side.
Het is die grijsheid die ervoor zorgt dat we, nog maar eens, geen antwoorden krijgen op de vragen die ons 's nachts, alleen in bed het meest bezig houden, naast "kan ik nog in slaap vallen voor ik écht dringend naar de wc zal moeten?" natuurlijk.
Het verhaal gaat over de liefde en schuwt daarin geen clichés. Van in het begin krijgen we zonder bullshit van de verteller te horen wat de visie van beide meisjes op de liefde is. Vicky is nuchter en denkt na over alles wat ze onderneemt. Ze is verloofd en kijkt uit naar haar volledig uitgestipelde leven in de armen van steeds diezelfde succesvolle doch soms saaie man. Die man is een nogal zwart-witte figuur die ongeveer in elke Woody Allen-film terugkeert. Het is iemand die zich onderwerpt aan het maatschappelijke mechanisme en steeds doet wat er van hem verwacht wordt. Hij wordt rijker en rijker en koopt meer en meer zekerheid, tot het laatste restje verrassing volledig uit het leven geperst is.
Cristina is -o verrassing- helemaal het tegenovergestelde. Ze leeft van moment tot moment en van relatie tot relatie op zoek naar iets ideaals dat ze niet kan beschrijven. "Ze weet enkel wat ze niet wil", is de mooiste manier waarop het uitgedrukt wordt.
De meisjes ontmoeten Juan Antonio, in het begin een nogal stereotype spaanse player die het blijkbaar voor mekaar heeft. Hij lijkt geschoold te zijn in het leven en is uiteraard een impulsieve kunstenaar. Met voor de hand liggende uitspraken als "het leven is kort, je moet elke kans grijpen" en "je mag niet elke situatie kapotanalyseren tot alle charme eruit geperst is" slaagt hij erin de meisjes te overtuigen een weekend met hem in Oviedo door te brengen. Dat zorgt ervoor dat het verhaal, dat zich reeds in vierde versnelling bevond, nu naar vijfde schakelt.
Maar de figuren blijven natuurlijk niet zo zwart-wit. Iedereen krijgt een diepere dimensie en het einde is helemaal niet zo voorspelbaar en rooskleurig als je na het bovenstaande zou verwachten. Een zotte ex-vrouw die ongeveer in het midden van de film het verhaal ingegooid wordt is deels verantwoordelijk voor die complicaties. Voor de rest is de grootste verantwoordelijke gewoon de realiteit. Juan Antonio is nu eenmaal niet iemand die weet hoe de wereld in elkaar zit en hoe je geluk creëert, de man van Vicky is nu eenmaal niet iemand die het compleet verkeerde pad bewandelt. Het echte leven is nooit zo simpel als de strijd van de rebellen tegen the dark side.
Het is die grijsheid die ervoor zorgt dat we, nog maar eens, geen antwoorden krijgen op de vragen die ons 's nachts, alleen in bed het meest bezig houden, naast "kan ik nog in slaap vallen voor ik écht dringend naar de wc zal moeten?" natuurlijk.
woensdag 29 oktober 2008
De fundamentele waarheid over het universum
Hd gb kj zb esc kjbzeckjbzejc heoc h z eohc oz ehc hz eoc hze hhzechzihhc chzeochze cozh coz ch ze czc zochc h czo.
Cbuizuiczcuizic uich zczcoizcjichhz czhc zczhozhhoamahmq nhmcdqc zc hdsc cd cchhdshcvhjS.
Pas over 200 jaar zal men mij begrijpen.
Cbuizuiczcuizic uich zczcoizcjichhz czhc zczhozhhoamahmq nhmcdqc zc hdsc cd cchhdshcvhjS.
Pas over 200 jaar zal men mij begrijpen.
dinsdag 28 oktober 2008
Die goede oude identiteitscrisis
Aah heerlijk. Nog eens goed panikeren over levensbepalende keuzes. In de illusie verkeren dat er een juist pad is, dat mijn problemen van kosmisch belang zijn en dat iemand er een moer om geeft. Uiteraard is dat geheel vergezeld van een alles verwoestende twijfel. Een twijfel die zelfs voor Descartes te ver zou gaan. Wat moet ik doen? Op basis waarvan moet ik besluiten wat ik moet doen? Doet het er iets toe wat ik doe? Wie ben ik om de pretentie te hebben iets te doen? Is het niet beter niets te doen? Hoe heette alweer dat programma met Mark Uyterhoeven en Rob Vanoudenhoven in dat huis?
Vragen die je opeten, je consumeren, tot je alles, de wereld, jezelf zo kapotgerelativeerd hebt dat beslissen onbelangrijk lijkt.
Dan vraag ik me toch af wat het evolutionaire nut is van zo'n identiteitscrisis. Zijn mensen die zoiets doorstaan beter in staat zichzelf in te schatten, zodat ze betere keuzes maken die dan leiden tot een verhoogde fitness? Jef twijfelt of hij jager of visser wil worden. Hij kiest na lang beraad voor visser omdat hij daarvoor meer talent heeft. Hij wordt de beste visser van de stam en bezwangert bijgevolg elke vrouw met een klein, aan zichzelf twijfelend vissertje. Zo kabbelt het evolutionaire beekje verder tot we in een wereld terechtkomen waar niemand zijn eigen identiteit nog kent. Wat dan weer leidde tot uitvindingen als de identiteitskaart, maar dat is voer voor een ander verhaal.
Of is dat hele evolutionaire verhaal bullshit en is dit verschijnsel slechts een gevolg van de moderniteit. Dat lijkt mij plausibeler. Toen keuzes zich nog beperkten tot wegvluchten van de hongerige leeuw of niet zal permanente twijfel toch eerder een obstakel geweest zijn. Vandaag zijn keuzes van een heel andere aard. Nu kunnen we in alle rust en kalmte de schaamhaarshampoo naar keuze selecteren uit een afdeling van 2m bij 2m. Twijfel is positief, ze geeft me tijd om rekening te houden met de specifieke kwaliteiten van de specifieke schaamhaarshampoo's en op die manier vind ik het product dat het best bij mijn persoonlijkheid past. De volgende dag kan ik met nieuwe moed en gewassen schaamharen de wereld intrekken.
Maar die twijfel, die ongetwijfeld het gevolg is van steeds meer keuzemogelijkheden, heeft tot gevolg dat mensen ook aan zichzelf gaan twijfelen. Daaruit ontstaat dan weer het recordaantal depressies waar we vandaag mee te kampen hebben.
Depressie is het gevolg van te veel keuze, om het met een oneliner te zeggen. Het veroorzaakt bij mij een romantisch verlangen naar vroegere tijden toen alles minder ingewikkeld was en toen ik nog gewoon jager of visser wilde worden.
Maar welke van de twee?
Vragen die je opeten, je consumeren, tot je alles, de wereld, jezelf zo kapotgerelativeerd hebt dat beslissen onbelangrijk lijkt.
Dan vraag ik me toch af wat het evolutionaire nut is van zo'n identiteitscrisis. Zijn mensen die zoiets doorstaan beter in staat zichzelf in te schatten, zodat ze betere keuzes maken die dan leiden tot een verhoogde fitness? Jef twijfelt of hij jager of visser wil worden. Hij kiest na lang beraad voor visser omdat hij daarvoor meer talent heeft. Hij wordt de beste visser van de stam en bezwangert bijgevolg elke vrouw met een klein, aan zichzelf twijfelend vissertje. Zo kabbelt het evolutionaire beekje verder tot we in een wereld terechtkomen waar niemand zijn eigen identiteit nog kent. Wat dan weer leidde tot uitvindingen als de identiteitskaart, maar dat is voer voor een ander verhaal.
Of is dat hele evolutionaire verhaal bullshit en is dit verschijnsel slechts een gevolg van de moderniteit. Dat lijkt mij plausibeler. Toen keuzes zich nog beperkten tot wegvluchten van de hongerige leeuw of niet zal permanente twijfel toch eerder een obstakel geweest zijn. Vandaag zijn keuzes van een heel andere aard. Nu kunnen we in alle rust en kalmte de schaamhaarshampoo naar keuze selecteren uit een afdeling van 2m bij 2m. Twijfel is positief, ze geeft me tijd om rekening te houden met de specifieke kwaliteiten van de specifieke schaamhaarshampoo's en op die manier vind ik het product dat het best bij mijn persoonlijkheid past. De volgende dag kan ik met nieuwe moed en gewassen schaamharen de wereld intrekken.
Maar die twijfel, die ongetwijfeld het gevolg is van steeds meer keuzemogelijkheden, heeft tot gevolg dat mensen ook aan zichzelf gaan twijfelen. Daaruit ontstaat dan weer het recordaantal depressies waar we vandaag mee te kampen hebben.
Depressie is het gevolg van te veel keuze, om het met een oneliner te zeggen. Het veroorzaakt bij mij een romantisch verlangen naar vroegere tijden toen alles minder ingewikkeld was en toen ik nog gewoon jager of visser wilde worden.
Maar welke van de twee?
dinsdag 7 oktober 2008
Kort.
Eén paragraaf uit het boek 'De vergissing van Descartes' van Antonio R. Damasio, de laatste van hoofdstuk 7:
"Ten slotte moeten we beseffen dat het feit dat we emoties en gevoelens als concrete cognitieve en neurale grootheden zien, niets afdoet aan hun schoonheid of gruwelijkheid, of aan hun status in de poëzie of muziek. Als we begrijpen hoe we zien of horen, doen we niets af aan wat we zien of horen, aan wat op een schilderij is afgebeeld of in een dramatische zin is verwoord. Inzicht in de biologische mechanismen achter emoties en gevoelens is alleszins verenigbaar met een romantische opvatting van de waarde die ze voor menselijke wezens hebben."
Damasio, 't ís zo!
"Ten slotte moeten we beseffen dat het feit dat we emoties en gevoelens als concrete cognitieve en neurale grootheden zien, niets afdoet aan hun schoonheid of gruwelijkheid, of aan hun status in de poëzie of muziek. Als we begrijpen hoe we zien of horen, doen we niets af aan wat we zien of horen, aan wat op een schilderij is afgebeeld of in een dramatische zin is verwoord. Inzicht in de biologische mechanismen achter emoties en gevoelens is alleszins verenigbaar met een romantische opvatting van de waarde die ze voor menselijke wezens hebben."
Damasio, 't ís zo!
Abonneren op:
Posts (Atom)